Reglement-Retributie houdende het gemeentelijk beleid inzake parkeren in de openbare ruimte

 

TITLE I.- ALGEMENE BEPALINGEN

HOOFDSTUK I.- TOEPASSINGSGEBIED VAN HET GEMEENTELIJK PARKEERBELEID

Artikel 1: Dit reglement is van toepassing op elk motorvoertuig met uitzondering van voertuigen van meer dan 3,5 ton, die alleen op speciaal daarvoor bestemde plaatsen mogen parkeren.

HOOFDSTUK II.- DEFINITIES

Artikel 2: Voor de toepassing van dit reglement verstaat men onder:

1° Parkeeragentschap: het Parkeeragentschap van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, zoals gedefinieerd in Hoofdstuk 7 van de ordonnantie van 6 juli 2022 houdende organisatie van het parkeerbeleid en herdefiniëring van de opdrachten en beheerswijze van het Parkeeragentschap van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest;

2°Besluit: het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 18 juli 2013 betreffende de gereglementeerde parkeerzones en de vrijstellingskaarten zoals gewijzigd door het besluit van 20 oktober 2022;

3° Vrijstellingskaarten: de vrijstellingskaarten bedoeld door de ordonnantie van 6 juli 2022 houdende de organisatie van het parkeerbeleid en herdefiniëring van de opdrachten en beheersmodaliteiten van het Parkeeragentschap van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest waarbij de vrijstellingskaarten "materieel" of "virtueel" kunnen zijn.

4° Parkeerschijf: de parkeerschijf zoals bedoeld in artikel 27.1.1. van het koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en bepaald in artikel 1 van het ministerieel besluit van 1 december 1975 tot vaststelling van de kenmerken van bepaalde schijven, bebakeningen en platen die voorgeschreven zijn door het algemeen reglement op de politie van het wegverkeer.

5° Bedrijven en zelfstandigen: de persoon of het bedrijf met zijn maatschappelijke of exploitatiezetel in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Met "persoon" wordt hier de beoefenaar van een vrij beroep of zelfstandige bedoeld. Met "bedrijf" wordt verwezen naar elke rechtspersoon, ongeacht zijn statuut.

6° Onderwijsinstelling: elke instelling, georganiseerd, erkend of gesubsidieerd door een gemeenschap en publieke kinderdagverblijven of kinderdagverblijven die inkomens gerelateerde tarieven hanteren, gevestigd in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.

7° Gezin: het gezin wordt gevormd door hetzij een gewoonlijk alleen levend persoon, hetzij door meer personen die, al dan niet verbonden door verwantschap, dezelfde hoofdverblijfplaats delen. De gezinssamenstelling wordt aangetoond door een attest samenstelling gezin, uittreksel uit het Rijksregister;

8° Parkeerperiode: periode van 4 uur en 30 minuten die begint te lopen vanaf de aflevering van de uitnodiging tot betaling van een forfaitaire retributie, bedoeld in artikel 14, §2 van de ordonnantie van 6 juli 2022;

9° Parkeersector en deelsector: de geografische zone die de grenzen afbakent waarbinnen de vrijstellingskaart geldig is. Elke parkeersector bestaat uit verschillende deelsectoren tenzij de gemeenteraad beslist om vaste parkeersectoren toe te passen in overeenstemming met artikel 46ter van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 18 juli 2013 betreffende de gereglementeerde parkeerzones en de vrijstellingskaarten;

10° Gedeelde voertuigen: de voertuigen van autodeeloperatoren in de zin van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 21 maart 2013 houdende de voorwaarden voor het gebruik van voorbehouden parkeerplaatsen aan operatoren van gedeelde motorvoertuigen, en de latere wijzigingen daarvan.

11° Gereglementeerde Zones : de zones zoals gedefinieerd in de artikelen 2, 3 en 4° van de ordonnantie en artikel 3 van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 18 juli 2013 betreffende de gereglementeerde parkeerzones en de vrijstellingskaarten en de latere wijzigingen daarvan;

12° Forfaitaire Parkeerretributie: bedrag verschuldigd voor het gebruik van een parkeerplaats langer dan de tijd die nodig is voor het in- of uitstappen van personen of voor het laden of lossen van zaken in de zin van artikel 2.23 van het koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende het algemeen reglement op de politie over het wegverkeer en het gebruik van de openbare weg en vastgesteld krachtens artikel 14, §2 van de ordonnantie van 6 juli 2022; 

13° Politiezone: een van de zes zones van de lokale politie van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest dat verschillende gemeenten omvat.

14° Tweede verblijfplaats of tweede verblijf: een tweede verblijf op het grondgebied van de gemeente waarvoor de eigenaar de gemeentebelasting op tweede verblijven betaalt.

15° 5°    Verbinding : elektronische identificatie om te kunnen laden of een rotatietarief te betalen aan de exploitant van de infrastructuur voor het herladen van elektrische voertuigen;;

16° Voorbehouden plaats: parkeerplaats bestemd voor specifieke categorieën voertuigen, personen of activiteiten zoals omschreven in artikel 12 van de ordonnantie van 6 juli 2022;

17° Elektrische laadpaal: infrastructuur die het mogelijk maakt om één of meer elektrische voertuigen op te laden. De paal heeft ten minste één laadpunt in de vorm van een stopcontact;

18° Ordonnantie: de ordonnantie van 6 juli 2022 houdende organisatie van het parkeerbeleid en herdefiniëring van de opdrachten en beheersmodaliteiten van het Parkeeragentschap van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest;

19° Bedrijfsvervoerplan: het mobiliteitsplan uitgewerkt door of voor een rechtspersoon of een zelfstandige, dat zijn mobiliteitsbehoeften analyseert en beschrijft;

20° Schoolvervoerplan of gelijkwaardig: het mobiliteitsplan uitgewerkt door of voor een rechtspersoon of onderwijsinstelling, dat haar mobiliteitsbehoeften analyseert en beschrijft;

21° Aansluiting: fysieke aansluiting van een elektrisch voertuig op de laadpaal, zoals omschreven in dit artikel, om dat voertuig op te laden;

22° Gebruiker: de persoon op wiens naam het motorvoertuig staat ingeschreven;

23° Tussen particulieren gedeelde auto's: voertuigen die gedeeld worden via een door Brussel Mobiliteit erkend autodeelsysteem voor particulieren in de zin van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 13 juli 2017 houdende een regeling voor de erkenning van autodeelsystemen voor particulieren;

24° Kentekenplaat: kentekenplaat in de zin van artikel 20 van het KB van 20 juli 2001 betreffende de inschrijving van voertuigen (kentekenplaat).

TITLE II.- GEREGLEMENTEERDE ZONES

HOOFDSTUK I.- SOORTEN ZONES

Afdeling 1.- Blauwe zone

Onderafdeling 1.- Duur

Artikel 3: De toegelaten parkeertijd is beperkt tot 2 uur van maandag tot en met zaterdag, tenzij speciale voorwaarden die op de bewegwijzering worden aangegeven.

Onderafdeling 2.- Bedrag

Artikel 4: Parkeren in een blauwe zone is gratis voor de duur van de toegelaten parkeertijd en mits gebruik van een parkeerschijf overeenkomstig artikel 27 van het koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg (blauwe schijf).

Artikel 5: In geval van niet-gebruik van de regulerende parkeerschijf, overschrijding van de maximaal toegestane duur of misbruik van de regulerende parkeerschijf wordt de fysieke persoon geacht te hebben gekozen voor betaling van een vergoeding van 35 euro per parkeerperiode.

Onderafdeling 3.- Uurregeling

Artikel 6 : Het gebruik van een parkeerplaats gelegen in de blauwe zone is onderworpen aan de gebruiksvoorwaarden bepaald in artikel 9, § 1er , 1° van de ordonnantie van 6 juli 2022 elke dag van de week van 9 uur tot 18 uur, met uitzondering van zondag en wettelijke feestdagen.

Artikel 6bis: In afwijking van artikel 10, lid 3 van de Ordonnantie van 6 juli 2022 houdende de organisatie van het parkeerbeleid en de oprichting van het Brussels Hoofdstedelijk Parkeeragentschap en van artikel 5 van het Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 18 juli 2013 betreffende de gereglementeerde parkeerzones en de vrijstellingskaarten,  wordt de reglementering toegepast van 15u30 tot 19u30, van maandag tot vrijdag en van 8u30 tot 19u30 van zaterdag tot zondag , in de volgende straten:

  • Charles Schallerlaan (van nummer 1 tot nummer 89 en van nummer 2A tot nummer 52)
  • Blankedellegaarde;
  • Jean Mereauxstraat;
  • René Christiaensstraat;
  • Gustave Timmermansstraat;
  • Henri Simonsstraat;
  • Léopold Van Asbroeckstraat;
  • Jean Charlierlaan;
  • Hugo Van der Goeslaan;
  • Jean-Baptiste Vannypenlaan;
  • Henri Deraedtstraat;
  • Georges Huygensstraat;
  • Egide Charles Bouvierstraat
  • Antonius Dewinstraat

Afdeling 2.- Leveringszone

Onderafdeling 1.- Bedrag

Artikel 7: Een forfaitaire retributie van 100 euro per parkeerperiode is verschuldigd voor het parkeren in een zone die is aangeduid met een bord E9.a in de zin van artikel 70.2.1 van het koninklijk besluit van 12 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en het gebruik van de openbare weg, aangevuld met een bijkomend bord "te betalen behalve voor leveringen" met vermelding van de uurregelingperiode en het bedrag van de forfaitaire retributie.

Artikel 8: Bij levering door het voertuig is geen forfaitaire retributie verschuldigd. Een voertuig wordt geacht onderweg te zijn wanneer het stilstaat en er met het voertuig goederen worden geladen of gelost.

Artikel 9: De vrijstellingskaarten zijn niet geldig in leveringszones tijdens de uurregelingen aangeduid op het verkeersbord (Type V a,b,c en d.

Onderafdeling 2.- Uurregeling

Artikel 10: De voorwaarden van het reglement van de leveringszone worden gespecificeerd op het bijkomende bord "te betalen behalve levering".

Afdeling 3.- De zone “voorbehouden parkeerplaats”

Onderafdeling 1.- Duur en modaliteiten

Artikel 11: Er is geen tijdslimiet voor het parkeren in de zone "voorbehouden plaats".

Onderafdeling 2.- Bedrag

Artikel 12: Voor het parkeren op een "voorbehouden plaats" zonder het tonen van de voor die zone geldende vrijstellingskaarten is een vast tarief van 25 35 EUR per parkeerperiode verschuldigd.

Afdeling 4.- “Kiss & Ride”-zone

Onderafdeling 1.- Duur

Artikel 13: De maximaal toegelaten parkeertijd is die aangegeven op de hiervoor voorziene verkeerstekens.

Artikel 14 :Met uitzondering van vrijstellingskaarten afgeleverd aan zorgverleners voor dringende medische zorg, zijn vrijstellingskaarten niet geldig in de “kiss and ride” zone.

Onderafdeling 2.- Bedrag

Artikel 15: Indien de op de daarvoor bestemde verkeersborden aangegeven tijd wordt overschreden of, bij ontbreken van dergelijke borden, indien het voertuig langer wordt geparkeerd dan nodig is voor het in- en uitstappen van personen of voor het in- en uitladen van zaken, bedraagt de forfaitaire retributie 100 euro per parkeerperiode.

Afdeling 5.- “Electrische oplaad”-zone

Onderafdeling 1.- Duur

Artikel 16: Parkeren in zones "Elektrisch opladen" is gratis, mits de gebruiker van het voertuig in kwestie verbonden is en zijn voertuig fysiek aansluit op de laadpaal.

Onderafdeling 2.- Bedrag

Artikel 17 : Een retributie van EUR 50 per parkeerperiode is verschuldigd door de gebruiker van een niet-elektrisch motorvoertuig of door de gebruiker van een geparkeerd elektrisch voertuig geparkeerd zonder verbinding of fysieke aansluiting.

HOOFDSTUK II.- INNINGSPROCEDURE

Artikel 18: De forfaitaire retributie moet worden betaald binnen de twaalf dagen te rekenen vanaf het verzoek tot betaling.

Artikel 19: Indien binnen die termijn het gehele bedrag niet werd betaald, wordt een kosteloze eerste herinnering verzonden.

Artikel 20: Indien een tweede herinnering nodig is, wordt de retributie vermeerderd met 15 euro.

Artikel 21: Bij blijvende wanbetaling zal de retributie worden geïnd langs burgerrechtelijke weg.

Artikel 22: De kosten, rechten en gemaakte uitgaven tijdens alle fases van inning van de verschuldigde bedragen zijn ten laste van de schuldenaar.

Artikel 23: In overeenstemming met artikel 17 van de ordonnantie van 3 april 2014, gewijzigd door de Ordonnantie van 20 juili 2016 betreffende de aanvullende reglementen op het wegverkeer en de plaatsing en bekostiging van de verkeersteken is de retributie verschuldigd door de houder van de nummerplaat.

Artikel 24: Het College van Burgemeester en Schepenen is bevoegd om klachten van burgers te horen.

TITLE III.- VRIJSTELLINGSKAARTEN

HOOFDSTUK I.- VRIJSTELLINGSKAARTEN UITGEREIKT DOOR DE GEMEENTE

Afdeling 1.- Gemeenschappelijke bepalingen

Artikel 25: Het systeem van vrijstellingskaarten kan vervangen worden door een systeem van elektronische controle op basis van de kentekenplaat van het voertuig. Indien de gemeente een elektronisch systeem gebruikt, kunnen de vrijstellingskaarten van de soort vignet echter behouden worden voor bepaalde vrijstellingen, met name voor diegene waarvan de geldigheid het volledige of een deel van het grondgebied van het Brussels Gewest dekt en voor diegene die het mogelijk maken om een overeenkomst tussen de gemeente en een of meerdere aangrenzende gemeenten te implementeren. Indien een vignet gebruikt wordt, dient deze volledig en goed leesbaar geplaatst te worden op de binnenzijde van de voorruit van het voertuig zodat de controleagent alle gegevens van dit vignet kan nakijken. Bij gebreke, heeft de vrijstellingskaart geen enkele waarde en is de achtergelaten retributie verschuldigd.

Artikel 26: De hieronder vermelde vrijstellingskaarten kunnen op aanvraag worden toegekend door de gemeente. De gemeente heeft evenwel de mogelijkheid om het aantal geldige vrijstellingskaarten op haar grondgebied te beperken.

Artikel 27: De vrijstellingskaart zal pas worden toegekend na eenmalige betaling van het integrale bedrag en voor zover de aanvrager voldoet aan alle toekenningsvoorwaarden en het bewijs daarvan heeft bezorgd.

Artikel 28: De vrijstellingskaart is slechts geldig voor de kentekenplaat geregistreerd in de software van de vrijstellingskaart en de sector(en) die werd(en) toegekend bij de registratie.

Artikel 29: Een wijziging van de kentekenplaat gedurende de geldigheidsperiode van de kaart kan slechts worden verkregen na onderzoek van de bijzondere omstandigheden die deze wijziging rechtvaardigen.  In voorkomend geval moet de begunstigde van de vrijstellingskaart de gemeente op de hoogte stellen van de wijziging binnen vijf werkdagen.

Artikel 30: Tijdens een burgerlijkjaar, heeft de ontvanger van een vrijstellingskaart de mogelijkheid om zijn kentekenplaat twee keer kosteloos te veranderen. Vanaf de derde verandering inbegrepen, zal elke verandering 15€ kosten.

Artikel 31: De aanvrager van een vrijstellingskaart draagt de eventuele kosten die verbonden zijn aan het gebruik van technologie bij de uitreiking en het gebruik van de vrijstellingskaart.

Artikel 32: De gemeente en/of het Agentschap is niet verplicht om de houders ervan op de hoogte te brengen dat de geldigheidsduur van hun kaart bijna verstreken is. Dit is hun eigen verantwoordelijkheid. In geval van vergetelheid kunnen zij zich in geen geval tegen de gemeentelijke overheid keren.

Artikel 33: Iedere aanvraag voor verlenging moet bij de gemeente worden ingediend uiterlijk 60 werkdagen voordat de vorige geldigheidsperiode verstreken is.

Artikel 34: De lijst van documenten om elk type kaart te verkrijgen, is alleen ter informatie en niet-uitputtend.

Artikel 35: Zodra de begunstigde van een vrijstellingskaart niet meer aan de toekenningsvoorwaarden voldoet, moet hij de gemeente daarvan op de hoogte brengen door de kaart terug te geven indien het om een materiële kaart gaat zoals opgelegd door overeenkomstig artikel 5, § 1, van het ministerieel besluit 9 januari 2007 betreffende de gemeentelijke parkeerkaart.

Artikel 35bis: Bij een nieuwe aanvraag of bij de verlenging van de vrijstellingskaart, zullen de toegangsvoorwaarden worden gecontroleerd. De bewonerskaart zal geweigerd of onmiddellijk ingetrokken worden in geval van bedrog of valse verklaring, zonder terugbetaling van het gestorte recht.

Artikel 36: Het bedrag van de vrijstellingskaart blijft volledig verschuldigd

Artikel 37: de gemeente en/of het Agentschap annuleert van rechtswege de vrijstellingskaarten waarvoor de voorwaarden van de aanvrager zodanig zijn gewijzigd dat hij niet langer voldoet aan de toekenningsvoorwaarden.

Artikel 38: In geval het plan met de deelsectoren voor parkeren of de vaste parkeersectoren wordt gewijzigd, zullen de betreffende vrijstellingskaarten worden vervangen vanaf de datum dat de nieuwe kaart van kracht wordt.

Artikel 39: In het kader van een optimale coördinatie en een rationeel beheer, inzonderheid in het kader van het project voor sectorindeling van het gewest, kunnen de vrijstellingskaarten van andere gemeenten, in voorkomend geval worden erkend op het grondgebied van de gemeente.

Artikel 40 : Er wordt geen vrijstellingskaart afgegeven:

  • Voor voertuigen van meer dan 3.5T
  • Voor voertuigen van minder dan 3,5T van de volgende types (categorie DIV):
  • Sleepwagen;
  • Trailer;
  • Camper;
  • Bussen en Autocars ;
  • Landbouwmaterieel (inclusief quad) ;
  • Industriële uitrusting ;
  • Tractoren ;
  • Inschrijvingsmerken voor "proeven" die beginnen met "ZZ".

Deze lijst is niet exaustief.

Artikel 41 : Vanaf 1 mei 2025 en vervolgens om de drie jaar wordt de prijs van de vrijstellingskaarten automatisch en automatisch geïndexeerd aan het indexcijfer van de consumptieprijzen. De nieuwe prijs resulteert uit de volgende formule: prijs vermenigvuldigd met de nieuwe index en gedeeld door de oorspronkelijke index. De nieuwe index is de consumentenprijsindex die geldt in de maand januari die aan de indexeringsdatum voorafgaat. De basisindex is de consumentenprijsindex voor januari 2023.

Het tarief dat voortvloeit uit de in de vorige alinea bedoelde berekening wordt naar beneden afgerond op de dichtstbijzijnde euro.

Afdeling 2.- Vrijstellingskaart “buurtbewoner”

Onderafdeling 1.- Begunstigden

Artikel 42: Kunnen genieten van de "bewonerskaart":

- Personen ingeschreven in het bevolkingsregister of wachtregister van de gemeente Oudergem;

- Personen die gedomicilieerd zijn in de gemeente en die over een voertuig beschikken dat is ingeschreven in het buitenland, gedurende de periode van aanvraag van een Belgische inschrijving. In dit geval wordt de bewonerskaart uitgereikt tegen het jaartarief maar voor een beperkte duur van 3 maanden. Indien de kentekenplaat daadwerkelijk ingeruild wordt, wordt de geldigheid van de vrijstellingskaart verlengd met 9 maanden;

- Elke persoon die in België verblijft en die over een voertuig beschikt dat is ingeschreven in het buitenland, moet dit laten inschrijven in België binnen met uitzondering van de 5 sommige gevallen opgesomd in het artikel 1 van het Koninklijk Besluit van 18.06.2014 dat het artikel 3 van het Koninklijk Besluit van 20 juli 2001 wijzigt;

Indien de persoon vrijgesteld is van een inschrijving, wordt er rekening gehouden met de attesten uitgeleverd door de Federale Overheidsdienst van Binnenlandse Zaken, Vreemdelingenzaken, Federale Overheidsdienst van Buitenlandse Zaken, Protocoldienst, of een Ambassade of een Consulaat waarvoor de persoon werkt;

- Personen die een tweede verblijfplaats hebben in de gemeente Oudergem;

- Personen die gedomicilieerd zijn op het grondgebied van de betreffende gemeente van Oudergem en die een specifieke parkeerbehoefte hebben in het kader van een door de Brussel Mobiliteit erkend autodeelsysteem voor particulieren. Het voertuig wordt gedeeld door minstens drie particulieren, waarvan er minstens twee gedomicilieerd zijn in een of meer verschillende gemeenten van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.

Artikel 43: In de in artikel 42 bedoelde gevallen kan een vrijstelling kaart “bewoner” allen worden verleend aan personen die hun woonplaats of hun tweede woonplaats in een reglementeerde “blauwe” zone hebben.

Onderafdeling 2.- Aantal kaarten per gezin              

Artikel 44: Het aantal kaarten per gezin is beperkt tot 2.

Onderafdeling 3.- Prijs en geldigheidsduur van de “bewonerskaart”

Artikel 45: De prijs en geldigheidsduur worden als volgt bepaald:

- Eerste vrijstellingskaart voor het gezin: 15 euro per jaar;

- Tweede vrijstellingskaart voor het gezin: 120 euro per jaar;

- Voor personen met een tweede verblijf kan slechts één kaart worden uitgereikt voor: 500 euro voor 12 maanden;

- Voor de personen die een voertuig bezitten dat geregistreerd is in het buitenland :

° 1 jaar indien de titularis van de registratie zijn voertuig niet moet registreren in België

° 3 maanden indien de titularis van de registratie zijn voertuig moet registreren in België. De geldigheid wordt verlengd met 9 maanden in geval van een effectieve verandering van de buitenlandse registratie in Belgische registratie met een cumulering van maximaal 12 maanden.

- In geval van wijziging van buitenlandse inschrijving in Belgische inschrijving: tarief afhankelijk van het aantal kaarten in het gezin.

- Het tarief voor voertuigen gedeeld door particulieren hangt af van het aantal kaarten in het gezin en van de tarieven die de gemeente heeft bepaald voor de sector(en) waarvoor de vrijstellingskaart wordt aangevraagd.

Onderafdeling 4.- Soorten zones waarin de vrijstellingskaart geldig is

Artikel 46: De vrijstellingskaart "buurtbewoner" is geldig binnen de blauwe zones.

Onderafdeling 5.- Sectoren waarin de kaart geldig is

Artikel 47: De houders van een bewonerskaart mogen hun voertuig alleen parkeren binnen de grenzen van de sector die hen werd toegewezen.

Onderafdeling 6.- Documenten die moeten worden voorgelegd voor het verkrijgen van een vrijstellingskaart

Artikel 48: De aanvrager moet volgende documenten voorleggen:

- het inschrijvingsbewijs van het voertuig bij de DIV-deel 1 recto verso.

- het bewijs dat het voertuig is ingeschreven op zijn naam of dat hij er permanent over kan beschikken als hij niet de titularis is van de kentekenplaat.

- voor een leasingvoertuig: het bewijs van leasing dat de naam van de aanvrager uitdrukkelijk moet vermelden alsook de nummerplaat.

- voor bedrijfsvoertuigen: Indien het voertuig beschikbaar is gesteld door de werkgever, een attest ondertekend door de werkgever – op papier met briefhoofd van de maatschappij – specifiërend dat de aanvrager de permanente gebruiker is van het voertuig.

- De statuten van de maatschappij als de eigenaar van het voertuig de beheerder of de administrateur van de maatschappij is.

- voor een voertuig op naam van een derde persoon, moet de aanvrager verplicht een kopie voorleggen van het verzekeringscontract waarin is vermeld dat hij de hoofdbestuurder van het voertuig is.

- de identiteitskaart, of een volmacht met de identiteitskaart van de aanvrager in het geval deze zich niet persoonlijk aanbiedt. In dat geval moet de volmacht de naam vermelden van de persoon die zich aandient in de plaats van de verzoeker en het document waarvoor het verzoek wordt gedaan.

- voor een tussen particulieren gedeeld voertuig: het inschrijvingsbewijs van het voertuig bij de DIV en het bewijs van betaling van de aansluiting bij een gespecialiseerd platform voor autodelen tussen particulieren en de overeenkomst die de partijen betrokken bij het delen van het voertuig verbindt;

Deze lijst is informatief en niet-exhaustief. Ze wordt gepubliceerd op de gemeentelijke website

Elke inwoner van de gemeente die al over een bewonerskaart beschikt voor een basisvoertuig, kan gratis een tijdelijke kaart aanvragen in het kader van een vervangwagen van hun basisvoertuig dat niet zou kunnen rijden.

De toegestane duur zal per geval vastgelegd worden, in functie van de duur van de vervanging – aangetoond door een document van het basisvoertuig – en zal de geldigheidsduur van oorspronkelijke kaart niet mogen overschrijden.

Zolang de vrijstellingskaart niet is toegekend, zal geen enkele gebruiker zich kunnen beroepen op enig recht, hieraan verbonden.

Afdeling 3.- Vrijstellingskaart « professioneel »                                

Onderafdeling 1.- Begunstigden                

Artikel 49: Komen in aanmerking voor dit type kaart:

- Bedrijven en zelfstandigen: de gemeente verleent maximaal 2 vrijstellingskaarten “professioneel” per economische eenheid.

- Onderwijsinstellingen: de gemeente verleent maximaal 2 vrijstellingskaarten “professioneel” per eenheid van onderwijsinstellingen.

- Personeelsleden van de politiezone waartoe de gemeente behoort: de gemeente verleent maximaal 2 vrijstellingskaarten “professioneel” per politiezone.

Artikel 50: In de in artikel 49 bedoelde gevallen, kan een vrijstellingskaart alleen worden verleend aan aanvragers die hun hoofdkantoor, vestigingsplaats, onderwijsinstelling of politiezone in een reglementeerde “blauwe” zone hebben.

Onderafdeling 2.- Prijs

Artikel 51: De prijzen voor de kaarten voor bedrijven en zelfstandigen bedragen 200 euro/jaar en voor elke kaart.

Artikel 52: De prijs van de kaart voor onderwijsinstellingen bedraagt 200 euro/jaar per sector.

 Artikel 53: De prijs voor de personeelsleden van de politiezones: 200 euro/jaar per sector.

Onderafdeling 3.- Prijzen - Bijzondere modaliteiten betreffende de politiediensten en de onderwijsinstellingen

Artikel 54: Wanneer het personeelslid werkzaam is als agent in meerdere commissariaten, is de vrijstellingskaart geldig voor de verschillende parkeersectoren waarin de commissariaten gelegen zijn. In dat geval betaalt de begunstigde de prijs van de vrijstellingskaart voor elke gevraagde sector. De prijs van de kaart kan variëren volgens de tarieven die worden gehanteerd door de gemeenten waarin de vrijstellingskaart geldig is.

Artikel 55: Wanneer het personeelslid van een onderwijsinstelling werkzaam is in meerdere scholen, is de vrijstellingskaart geldig voor de verschillende parkeersectoren waarin de scholen gelegen zijn.  In dat geval betaalt de begunstigde de prijs van de vrijstellingskaart voor elke gevraagde sector. De prijs van de kaart kan variëren volgens de tarieven die worden gehanteerd door de gemeenten waarin de vrijstellingskaart geldig is.

Onderafdeling 4.- Soorten zones waarin de vrijstellingskaart geldig is

Artikel 56: De vrijstellingskaart "professioneel" is geldig in de blauwe zones.

Onderafdeling 5.- Sectoren waarin de kaart geldig is

Artikel 57: De houders van die vrijstellingskaart mogen hun voertuig alleen parkeren binnen de grenzen van de sector(en) die hen werd(en) toegewezen.

Onderafdeling 6.- Indiening van de aanvraag

Artikel 58: Het bedrijf, de onderwijsinstelling of de politiezone stelt één verantwoordelijke aan om de vrijstellingskaarten af te halen bij de gemeente.

Artikel 59: Het bedrijf, de onderwijsinstelling of de politiezone verdeelt de kaart onder het personeel volgens zijn eigen regels.

Onderafdeling 7.- Documenten die moeten worden voorgelegd voor het verkrijgen van de vrijstellingskaart

Artikel 60: De lijst van de te bezorgen document. Deze lijst is informatief en niet-exhaustief.

  • Een recto/ verso kopie van deel 1 van het inschrijvingsbewijs,

indien van toepassing:

  • De statuten van de vennootschap gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad
  • De gegevens van de Kruispuntbank in het geval van een privépersoon - zelfstandige - of vestigingsplaats anders dan het hoofdkantoor - business unit
  • Een attest van de werkgever
  • De arbeidsovereenkomst maar ervoor te zorgen dat de gevoelige privégegevens onleesbaar zijn.

Deze lijst is informatief en niet-exhaustief. Ze wordt gepubliceerd op de gemeentelijke website

Artikel 61: In elk geval moet de aanvraag voor de vrijstellingskaart "professioneel" vergezeld zijn van een scholenvervoerplan of een bedrijfsvervoerplan, naargelang het geval, of een goedgekeurd equivalent daarvan.

Afdeling 4.- Vrijstellingskaart "Bezoeker"

Onderafdeling 1.- Begunstigde

Artikel 62: Kunnen genieten van de vrijstellingskaart "bezoeker", de bezoeker(s) van een gezin. De kaart wordt steeds uitsluitend uitgereikt aan Brusselse gezinnen, voor hun bezoekers.

Onderafdeling 2.- Prijs

Artikel 63: De prijs van de vrijstellingskaart bedraagt 2,5 euro per voertuig per periode van 4 uur en 30 minuten.

Onderafdeling 3.- Aantal perioden per gezin per jaar

Artikel 64: Het aantal parkeerperioden (4u30) dat kan worden toegekend per jaar en per gezin bedraagt maximum 100.

Onderafdeling 4.- Soorten reglementering waarin de vrijstellingskaart geldig is

Artikel 65: De vrijstellingskaart "bezoeker" is geldig in de blauwe zones.

Onderafdeling 5.- Sectoren waarin de kaart geldig is

Artikel 66: De kaart "bezoeker" is geldig binnen de grenzen van de parkeersector die eraan werd toegewezen.

Artikel 67: Gezinnen die een vrijstellingskaart "buurtbewoner" hebben voor de gemeente van Oudergem krijgen dezelfde parkeersector toegewezen als die van hun bewonerskaart.

Onderafdeling 6.- Documenten die moeten worden voorgelegd voor het verkrijgen van de vrijstellingskaart

Artikel 68: De aanvrager moet volgende documenten voorleggen:

- het inschrijvingsbewijs van het voertuig bij de DIV; deel 1 recto-verso

- een kopie van de identiteitskaart van de persoon die woonachtig is op het grondgebied van de gemeente.

Deze lijst is informatief en niet-exhaustief. Ze wordt gepubliceerd op de gemeentelijke website

HOOFDSTUK II.- VRIJSTELLINGSKAARTEN DIE UITSLUITEND DOOR HET PARKEERAGENTSCHAP WORDEN UITGEREIKT, GELDIG OP GEWESTELIJKE SCHAAL.

Artikel 69: De vrijstellingskaarten "zorgverlener van dringende medische hulp", "medische zorgverlener aan huis", "autodelen" en de kaart "professioneel" (geval specifiek voorzien in art. 84, §1, 2° van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 18 juli 2013 betreffende de gereglementeerde parkeerzones en de vrijstellingskaarten, alsook van zijn latere wijzigingen) worden uitgereikt door het Parkeeragentschap volgens de modaliteiten en voorwaarden zoals vastgelegd door de bevoegde administratieve overheid.

HOOFDSTUK III.- VRIJSTELLINGSKAART UITGEREIKT DOOR DE FOD SOCIALE ZEKERHEID

Artikel 70: De Europese parkeerkaart voor personen met een handicap geldt als vrijstellingskaart mits deze zichtbaar in het midden tegen de binnenkant van de voorruit is aangebracht.

Artikel 71: Die kaart is geldig in alle door het Gewest bepaalde parkeersectoren in de rode, oranje, grijze, blauwe, groene en "evenementen"-zones.

TITLE IV.- SLOTBEPALING

Artikel 72: Het aangepaste reglement wordt van kracht op 1 mei 2023.

Artikel 73: het College ven Burgemeester en Schepenen delegeert aan de dienst Mobiliteit de opstelling van de aanvraagformulieren betreffende de vrijstellingskaarten.