Belastingreglement op fastfoodzaken
Artikel 1
Met ingang van 1 november 2025 en tot en met 31 december 2030 wordt een openingsbelasting en een jaarlijkse belasting gevestigd op fastfoodzaken.
Artikel 2
Voor de toepassing van dit reglement wordt onder « fastfoodzaken » verstaan: inrichtingen waarvan de activiteit de volgende kenmerken vertoont:
- Consumptie ter plaatse of om mee te nemen;
- 's Middags en/of 's avonds geopend ;
- Geautomatiseerde bestellingen via terminals of gelijkaardige apparaten, of bestelling aan de toonbank;
- Consumptie van producten van een merk dat overeenstemt met het uithangbord van de inrichting;
- Voedingsproducten voornamelijk om mee te nemen of ter plaatse te consumeren, zonder dat bediening aan tafel systematisch is en zonder dat de tafels vooraf zijn gedekt met borden en bestek.
Artikel 3
Het belastingtarief van de openingsbelasting wordt vastgesteld op 10.000 euro en is verschuldigd bij elke opening van een nieuwe verkoopspunt. De openingsbelasting is een eenmalige belasting.
Het belastingtarief van de jaarlijkse belasting wordt vastgesteld op 12.000,00 euro per verkooppunt.
De voormelde belastingen worden verdubbeld voor elke inrichting die gelegen is op minder dan 100 m van een school.
De openingsbelasting en de jaarlijkse belasting zijn verschuldigd voor het volledige kalenderjaar, ongeacht de stopzetting van de economische activiteit.
De jaarlijkse belasting begint te lopen het jaar volgend op de vestiging van de openingsbelasting, of bij ontstentenis vanaf de toepassing van dit belastingreglement.
Er wordt geen enkele vermindering of terugbetaling van de belasting toegestaan, om welke reden ook.
De belasting is verschuldigd door inkohiering.
Vanaf het belastingjaar 2027, worden de belastingtarieven elk belastingjaar aangepast aan de hand van de consumptieprijsindex die op de website van Stabel wordt gepubliceerd. Ze worden elk jaar op 1 januari aangepast aan de index van januari van het voorgaande jaar volgens de formule R x (i/I), waarbij:
- R = hierboven vastgestelde belastingtarieven
- i = index van de maand januari van het lopende jaar
- I = index van de maand januari van het afgelopen jaar (basis 2013 = 100)
De aangepaste belastingtarieven worden naar boven afgerond op twee decimalen.
Artikel 4
De belasting is solidair en ondeelbaar verschuldigd door:
- De uitbater van de fastfoodzaak;
- De onderneming waarmee hij een franchisecontract of enig gelijkaardig contract heeft gesloten dat het gebruik van het uithangbord koppelt aan het aanbieden van standaardproducten die ook in de andere gelijkaardige vestigingen worden geleverd;
- De eigenaar van het gebouw waarin de inrichting gevestigd is.
Artikel 5
De belastingplichtige is verplicht elke opening of exploitatie van een fastfoodrestaurant aan te geven.
De gemeentelijke administratie stuurt de belastingplichtige een aangifteformulier dat deze binnen een maand na verzenddatum, naar behoren ingevuld en ondertekend, moet terugsturen.
De belastingplichtige die geen aangifteformulier heeft ontvangen, moet er uiterlijk op 15 december 2025 en vervolgens op 15 januari volgend op het betreffende boekjaar een aanvragen bij de gemeentelijke overheid.
De aangifte geldt totdat deze wordt ingetrokken. In geval van wijzigingen moet de belastingplichtige spontaan een nieuwe aangifte indienen binnen een termijn van tien dagen vanaf de dag van de wijziging.
Artikel 6
Bij gebrek aan aangifte binnen de bepaalde termijn of onjuiste, onvolledige of onnauwkeurige aangifte door de belastingplichtige, wordt de belasting ambtshalve ingekohierd op basis van de gegevens waarover de gemeente beschikt.
Alvorens tot ambtshalve belastingheffing over te gaan, stelt het gemeentebestuur de belastingplichtige bij aangetekende brief in kennis van de redenen voor deze procedure, de elementen waarop de belasting wordt gebaseerd, de wijze waarop deze elementen worden bepaald en het bedrag van de belasting.
De belastingplichtige beschikt over een termijn van dertig kalenderdagen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van de kennisgeving om zijn opmerkingen schriftelijk in te dienen. De belastingplichtige moet de juistheid van de door hem aangevoerde elementen bewijzen.
Het gemeentebestuur zal overgaan tot ambtshalve heffing op basis van de elementen waarop de inkohiering gevestigd is en die vooraf aan de belastingplichtige werden gemeld, indien de belastingplichtige na afloop van deze termijn geen opmerkingen heeft gemaakt die de annulering van deze procedure rechtvaardigen
De ambtshalve ingekohierde belastingen worden verhoogd als volgt:
- eerste ambtshalve inkohiering: 20% van het verschuldigde of geraamde verschuldigd recht;
- tweede ambtshalve inkohiering: 50 % van het verschuldigde of geraamde verschuldigd recht;
- vanaf de derde ambtshalve inkohiering: 100% van het verschuldigde of geraamde verschuldigd recht.
Artikel 7
Onverminderd de bepalingen van de ordonnantie van 3 april 2014 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillen inzake gemeentebelastingen, zijn de bepalingen van titel VII, hoofdstukken 1, 3, 4, 6 tot en met 8 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen, voor zover zij niet specifiek betrekking hebben op de inkomstenbelastingen, alsook het Wetboek van de minnelijke en gedwongen invordering van fiscale en niet-fiscale schuldvorderingen , met uitzondering van de artikelen 43 tot en met 48, en voor zover de bepalingen ervan niet specifiek betrekking hebben op de daarin omschreven fiscale schuldvorderingen, zijn van toepassing op de gemeentebelastingen.
