GMP - Fase I

PCM cover

Welke thema’s worden aangesneden in het GMP?

 

A. De vervoermiddelen

De vervoermiddelen

Problemen die de aandacht van de besluitvormers vergen :

  • de verplaatsingen tijdens de spitsuren tussen woon- en werkplaats (of school)
  • de hinder die door deze verplaatsingen worden veroorzaakt (onveiligheid, opstoppingen, vervuiling... )

Maar een te groot deel van deze verplaatsingen gebeuren vandaag met de auto.
Het GMP moet dus bijdragen tot een toenemend gebruik van de andere vervoermiddelen door acties op :

  • het aanbod en het comfort van het openbaar vervoer
  • de bewustmaking van de gebruikers
  • de breedte van de wegen, hun staat, de snelheid die er wordt toegelaten

 

B. Het parkeren : 9.500 openbare parkeerplaatsen beheren

Het parkeren


Ondanks de hoeveelheid parkeerplaatsen, zijn er wijken waar de parkeerproblemen de bewoonbaarheid en het commerciële leven verstoren.

De fase 1 van het GMP heeft juist ten doel de situatie op te helderen door de verschillende factoren te analyseren die vraag en aanbod m.b.t. het parkeren conditioneren :

  • het wijktype : zuivere woonwijk, commercieel, gemengd, enz.
  • het aantal particuliere garages
  • de kenmerken van de wegen (breedte, mogelijkheid om er parkeerruimte in te richten)
  • het moment van de dag
  • de uitrustingen die het parkeren regelen (blauwe zones)

 

Het parkeren

Het GMP moet lijden tot het optimaal gebruik van de openbare ruimte met, indien nodig,
een regeling van het parkeren :

  • in de ruimte
  • in de tijd
  • voor de verschillende functies en types van gebruikers



C. Beter het verkeer organiseren voor meer gezelligheid

Beter het verkeer organiseren voor meer gezelligheid


De veiligheid maar ook het rijcomfort en de duidelijkheid van de routes hangen vaak af van de wijze waarop de straatinrichtingen, de signalisatie, de rode lichten werden aangebracht. Het GMP beoogt het inrichten van een effi ciënt verkeer voor alle types van weggebruikers.

De fase 1 van het GMP maakt het mogelijk om een algemene visie te hebben op de problemen op de schaal van de gemeente en van de wijk :

  • Hoeveel voertuigen komen voorbij op een bepaald punt tijdens het spitsuur?
  • Waar vormen zich, op terugkerende wijze, de verkeersopstoppingen?
  • Waar heeft men een belangrijk doorgaand verkeer?
  • Is alle bewegwijzering nuttig en goed geplaatst?

D. Plaatselijk tussenkomen om het verkeersgevaar te beperken


Te onduidelijke prioriteiten, overdreven snelheden, een onaangepaste inrichting van sommige wegen, een te weinig beveiligde schooluitgang… zijn vaak oorzaak van ongevallen.

De fase 1 van het GMP localiseert de plaatsen met risico’s en geeft verklaring over de problemen die er zich voortdoen.

In fine legt het GMP de prioriteiten vast voor de herinrichting van deze gevaarlijke plaatsen en
voor de beveiliging van de verplaatsingsruimten in heel de gemeente.
 

Een leidraad : naar duurzame mobiliteit

 

A. Het openbaar vervoer bevorderen

Het openbaar vervoer bevorderen


Het GMP zal voor Oudergem de te treffen maatregelen bepalen opdat de openbare vervoermaatschappijen hun rol behoorlijk zouden kunnen spelen en aan alle Oudergemnaars de mogelijkheid zouden geven om zich gemakkelijk te verplaatsen met het openbaar vervoer. Het zal een nuttige gids zijn voor elk overleg met die vervoermaatschappijen.

B. De intermodaliteit bevorderen

De intermodaliteit is het gebruik, voor een traject, van verschillende vervoermiddelen . De fiets nemen om naar het station (Delta... ) te gaan, de auto, de bus of de tram om naar een metrostation te gaan...

De aanwezigheid van efficiënte vervoerinfrastructuren (spoorweg, metro) is gunstig voor intermodale verplaatsingen. Deze zijn nochtans niet doeltreffend omdat de overstappunten slecht of onvoldoende gecoördineerd zijn en omdat hun bereikbaarheid niet goed is. Het GMP zal de nadruk leggen op de inrichting van deze overstappunten (de metrostations en, meer bepaald, hun omgeving) om de werking en de aantrekkelijkheid van de intermodaliteit te verbeteren.

Prestaties   Comfort

 

C. De grote assen herinrichten


De grote toegangsassen tot de stad die de gemeente doorkruisen (E 411, viaduct Herrmann Debroux, Vorstlaan, Tervurenlaan, enz.) verpesten het dagelijks leven van de Oudergemnaars . Verschillende tussenkomsten worden nu reeds verwacht (Vorstlaan ... ), maar de voornaamste uitdagingen zijn de vermindering van het verkeer dat Oudergem binnenkomt en de herinrichting van de uitgang van de E 411.


 

De grote assen herinrichten

 

D. De 30 km/u - zones uitbreiden


Oudergem telt actueel verschillende 30 km/u - gebieden. Een gemeentelijk richtplan werd onlangs uitgewerkt om de ontwikkeling ervan te intensiveren. Die ontwikkeling moet samengaan met een vermindering of het verwijderen van het storend doorgaand verkeer.
 

E. Oudergem met de fiets

 

Oudergem met de fiets

Het gebruik van de fiets als volwaardige manier om zich te verplaatsen blijft in Oudergem zeer marginaal . De toekomstmogelijkheden ervan zijn nochtans reëel. Fietspaden, fietsenstallingen... bestaan reeds, maar deze inrichtingen worden nog onvoldoende gebruikt om een samenhangend geheel te vormen (volledig netwerk, enz).
 

F. Elk van ons is op een of ander moment van de dag een voetganger


Het GMP heeft ten doel de trajecten te voet in de gemeente aangenamer te maken en de plaatsen met hoge voetgangersconcentraties te beveiligen (scholen, handelsassen, metrostation, enz.)

De fase 1 van het GMP maakt de inventaris van wat de voetganger beseft :

  • Zijn de infrastructuren in Oudergem gunstig voor de voetgangers en de Personen metBeperkte Mobiliteit?
  • Welke breedte hebben de stoepen?
  • Hoe is hun staat?
  • Zijn er genoeg zebrapaden?
Elk van ons is op een of ander moment van de dag een voetganger

 

Kaarten

I. Stand van zaken en diagnose

A. Algemene context van de mobiliteit
A1 Algemene context van de mobiliteit in het Zuidoosten van Brussel
A2 Oro-hydrographische context
A3 Overheersende stedelijke typologie
A4 Berijdbare toegangen vanuit het openbare wegennet
A5 Groene ruimten en rijbomen
A6 Voornaamste kernen die verplaatsingen voortbrengen
A7 Bevolkingsdichtheid
A8 Evolutie van de bevolking tussen 1991 en 2003
A9 Leeftijdsprofiel van de bevolking
A10 Gemiddelde grootte van de gezinnen
A11 Gemiddelde inkomen per aangifte
A12 Gezinnen die minstens over een wagen beschikken
A13 Gezinnen die over 2 of meer wagens beschikken
A14 Gezinnen die minstens over een fiets beschikken
A15 Gezinnen die minstens over een wagen beschikken (gewest)
A16 Beheerder van de wegen

B. Caractérisation des voiries et autres espaces dévolus aux déplacements
B1 Wegbedekking
B2 Staat van de wegbedeking
B3 Gemiddelde breedte van de wegen
B4 Padenbedeking
B5 Staat van de voetpad en padenbedekking
B6 Gemiddelde breedte van de voetpaden
B7 De beveiligingsinrichtingen van de wegen
B7bis Eenrichtingsverkeer
B8 Inrichtingen voor fietsers
B9 Organisatie van het verkeer
B9bis Organisatie van het verkeer (bijzondere maatregelen)
B10 Rechtstoestand van de parkeeregelegenheid (algemene maatregelen)
B11 Recente heraanleg van het wegennet
C. Het openbaar vervoer
C1 MIVB : De lijnen aanwezig in Oudergem in het Gewestelijk net
C2 De netten van het openbaar vervoer
C3 De bediening van het openbaar vervoer
C4 Frequentie tijdens het spitsuur (7u-9u)
C5 Frequentie tijdens de dag (10u-12u)
C6 Frequentie tijdens de avond (21u-23u)
C7 Uur van de laatste doorgang
C8 Commerciële snelheden tijdens spitsuuren (7u-9u en 16u-18u)
C9 Commerciële snelheden tijdens de dag (9u-16u)
C10 Commerciële snelheden tijdens 's avonds (21u-23u)
C11 Comfort aan de haltes
D. Les déplacements individuels motorisés
D1 Aantal PVE per richting tijdens het morgenspitsuur (7u45-8u45)
D2 Hersamenstelling van de verkeerstromen per rijrichting tijdens het achtenspitsuur
D3 Aantal PVE per richting tijdens het avondspitsuur (17u-18u)
D4 Hersamenstelling van de verkeerstromen per rijrichting tijdens het avondspitsuur
D5 Aantal vrachtwagens per richting tijdens de morgen en avondspitsuren
D6 Transitverkeer en verkeersopstoppingen
D7 Belangerijkste problemen in verban met de gemechaniseerde verplaatsingen
D8 Aantal bromfietsen per richting
E. Het parkeren
E1 Openbaar parkeeraanbod tijdens de dag
E2 Ingebruikname van de parkeerplaatsen 's morgens van 9u30 tot 11u30
E3 Ingebruikname van de parkeerplaatsen 's avonds van 19u30 tot 21u30
E4 Ingebruikname van de parkeerplaatsen : synthese
F. De voetgangers
F1 Sleutelelementen van de verplaatsingen te voet
F2 De voornaamste hinder voor de voetgangers
G. De fietsers
G1 aantal fietsen per richting
H. De signalisatie
H1 Plaatsen met een bebakende bewegwijzering
H2 Bewegwijzering 1 : plaats, monument, sportactiviteit
H3 Bewegwijzering 2 : scholen en diverse uitrustingen
H4 Bewegwijzering 3 : handelen, restaurants en ondernemingen

II.    PERSPECTIVES ET PROJETS

 
J1 De doelstellingen van het GewOP (Mobiliteit)


III.    OPINION DES ACTEURS CONCERNES

 
K1 Lokalisatie van de personen die de vragenlijst beantwoord hebben
K2 Problematsich plaatsen van de autoverplaatsingen (standpunt van de bevolking)
K3 Problematsich plaatsen van de voetgangersverplaatsingen (standpunt van de bevolking)
K4 De enquete in "De Oudergemnaar" : voornaamste problemen door de autos vermeld door de inwoners
K5 De enquete in "De Oudergemnaar" : voornaamste problemen gebonden aan de mobiliteit van de voetgangers, fietsers en gebruikers van het openbaar vervoer.