Bestuur & Politiek

Reglement-Retributie houdende het gemeentelijk beleid inzake parkeren in de openbare ruimte - Wijziging

DE GEMEENTERAAD,
Gelet op de nieuwe gemeentewet, in het bijzonder het artikel 117;
Gelet op de wet van 16 maart 1968 betreffende de politie over het wegverkeer;
Gelet op de ordonnantie van 22 januari 2009 houdende de organisatie van het parkeerbeleid en de oprichting van het Brussels Hoofdstedelijk Parkeeragentschap, gewijzigd door de ordonnantie van 20 juli 2016;
Gelet op de ordonnantie van 3 april 2014 betreffende de aanvullende reglementen op het wegverkeer en de plaatsing en bekostiging van de verkeerstekens, gewijzigd door de ordonnantie van 20 juli 2016;
Gelet op het koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg (de Wegcode);
Gelet op het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 18 juli 2013 houdende het reglementaire luik van het Gewestelijk Parkeerbeleidsplan;
Gelet op het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 18 juli 2013 betreffende de gereglementeerde parkeerzones en de vrijstellingskaarten;
Gelet op het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 21 maart 2013 houdende de voorwaarden voor het gebruik van voorbehouden parkeerplaatsen aan operatoren van gedeelde motorvoertuigen;
Gelet op het ministerieel besluit van 7 mei 1999 inzake parkeerkaarten voor personen met een handicap;
Gelet op het ministerieel besluit van 9 januari 2007 betreffende de gemeentelijke parkeerkaart;
Gelet op het advies van het parkeeragentschap van 25 juni 2018;
Op voorstel van het College van Burgemeester en Schepenen:
BESLUIT:
ARTIKEL 1 : De volgende artikels worden toegevoegd in het Reglement-Retributie houdende het gemeentelijk beleid inzake parkeren in de openbare ruimte :
  • Afdeling 5.- “Electrische oplaad”-zone
Artikel 11bis : Het is toegelaten en gratis om een elektrisch voertuig te parkeren op de parkeerplaatsen “elektrische oplading”, zolang het voertuig is aangesloten op de elektrische terminal en daadwerkelijk oplaadt. Een retributie van EUR 50 per parkeerperiode is verschuldigd door de gebruiker van een niet-elektrisch motorvoertuig of door de gebruiker van een geparkeerd elektrisch voertuig dat gedurende maximaal 4 uur en 30 minuten niet oplaadt, De vrijstellingskaarten zijn niet geldig op deze parkeerplaatsen.
  • Artikel 18bis : Het systeem van vrijstellingskaarten kan vervangen worden door een systeem van elektronische controle op basis van de kentekenplaat van het voertuig. Indien de gemeente een elektronisch systeem gebruikt, kunnen de vrijstellingskaarten van de soort vignet echter behouden worden voor bepaalde vrijstellingen, met name voor diegene waarvan de geldigheid het volledige of een deel van het grondgebied van het Brussels Gewest dekt en voor diegene die het mogelijk maken om een overeenkomst tussen de gemeente en een of meerdere aangrenzende gemeenten te implementeren. Indien een vignet gebruikt wordt, dient deze volledig en goed leesbaar geplaatst te worden op de binnenzijde van de voorruit van het voertuig zodat de controleagent alle gegevens van dit vignet kan nakijken. Bij gebreke, heeft de vrijstellingskaart geen enkele waarde en is de achtergelaten retributie verschuldigd.
 
ARTIKEL 2 : De volgende artikels worden gewijzigd in het Reglement-Retributie houdende het gemeentelijk beleid inzake parkeren in de openbare ruimte :
  • Artikel 31: Kunnen genieten van de "bewonerskaart":
- Personen ingeschreven in het bevolkingsregister of wachtregister van de gemeente Oudergem;
- Personen die gedomicilieerd zijn in de gemeente en die over een voertuig beschikken dat is ingeschreven in het buitenland, gedurende de periode van aanvraag van een Belgische inschrijving beperkt tot 3 maanden;
- Elke persoon die in België verblijft en die over een voertuig beschikt dat is ingeschreven in het buitenland, moet dit laten inschrijven in België binnen met uitzondering van de 5 sommige gevallen opgesomd in het artikel 1 van het Koninklijk Besluit van 18.06.2014 dat het artikel 3 van het Koninklijk Besluit van 20 juli 2001 wijzigt;
Indien de persoon vrijgesteld is van een inschrijving, wordt er rekening gehouden met de attesten uitgeleverd door de Federale Overheidsdienst van Binnenlandse Zaken, Vreemdelingenzaken, Federale Overheidsdienst van Buitenlandse Zaken, Protocoldienst, of een Ambassade of een Consulaat waarvoor de persoon werkt;
- Personen die een tweede verblijfplaats hebben in de gemeente Oudergem;
- Personen die gedomicilieerd zijn op het grondgebied van de betreffende gemeente van Oudergem en die een specifieke parkeerbehoefte hebben in het kader van een door de Administratie erkend autodeelsysteem voor particulieren. Het voertuig wordt gedeeld door minstens drie particulieren, waarvan er minstens twee gedomicilieerd zijn in een of meer verschillende gemeenten van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.
  • Artikel 34: De prijs en geldigheidsduur worden als volgt bepaald:
- Eerste vrijstellingskaart voor het gezin: 10 euro per jaar of 20 euro voor twee jaar;
- Tweede vrijstellingskaart voor het gezin: 50 euro per jaar of 100 euro voor twee jaar;
- Voor personen met een tweede verblijf kan slechts één kaart worden uitgereikt voor: 250 euro voor 12 maanden;
In geval van wijziging van buitenlandse inschrijving in Belgische inschrijving: tarief afhankelijk van het aantal kaarten in het gezin. In dit geval, in de eerste tijd is de geldigheidsduur van de kaart beperkt op drie maanden. In tweede tijd zal de geldigheidsduur verlengd worden van 9 maanden in het geval dat daadwerkelijke wijziging van de buitenlandse registratie in Belgische registratie.
- Voor de personen die een voertuig bezitten dat geregistreerd is in het buitenland :
° 1 jaar indien de titularis van de registratie zijn voertuig niet moet registreren in België
° 3 maanden indien de titularis van de registratie zijn voertuig moet registreren in België. De geldigheid wordt verlengd met 9 maanden in geval van een effectieve verandering van de buitenlandse registratie in Belgische registratie met een cumulering van maximaal 12 maanden.
- Het tarief voor voertuigen gedeeld door particulieren hangt af van het aantal kaarten in het gezin en van de tarieven die de gemeente heeft bepaald voor de sector(en) waarvoor de vrijstellingskaart wordt aangevraagd.
  • Artikel 37: De aanvrager moet volgende documenten voorleggen:
- het inschrijvingsbewijs van het voertuig bij de DIV.
- het bewijs dat het voertuig is ingeschreven op zijn naam of dat hij er permanent over kan beschikken als hij niet de eigenaar is niet de titularis is van de kentekenplaat.
- voor een leasingvoertuig: het bewijs van leasing dat de naam van de aanvrager uitdrukkelijk moet vermelden alsook de nummerplaat.
- voor bedrijfsvoertuigen: een attest van het bedrijf dat aantoont dat de aanvrager de enige gebruiker is.
Indien het voertuig beschikbaar is gesteld door de werkgever, een attest ondertekend door de werkgever – op papier met briefhoofd van de maatschappij – specifiërend dat de aanvrager de permanente gebruiker is van het voertuig.
De statuten van de maatschappij als de eigenaar van het voertuig de beheerder of de administrateur van de maatschappij is.
- voor een voertuig op naam van een derde persoon, moet de aanvrager verplicht een kopie voorleggen van de verzekeringspolis  het verzekeringscontract waarin waarop is vermeld dat hij de hoofdbestuurder van het voertuig is.
- de identiteitskaart, of een volmacht met de identiteitskaart van de aanvrager in het geval deze zich niet persoonlijk aanbiedt.
Er bestaat geen specifiek volmacht model. De gegevens die erop vermeld moeten staan zijn de naam en voornaam van de persoon die in de plaats komt van de aanvrager van de bewonerskaart alsook de vermelding van het vereiste document (hier bewonerskaart). De kopie van de identiteitskaart van de aanvrager met goed leesbaar zijn.
Deze lijst is informatief en niet-exhaustief.
 
  • Artikel 49: De lijst van te bezorgen documenten staat op het aanvraagformulier voor de vrijstellingskaart.
Artikel 49 : De lijst van de te bezorgen document. Deze lijst is informatief en niet-exhaustief.
 
Een recto / verso kopie van deel 1 van het inschrijvingsbewijs, indien van toepassing:
De statuten van de vennootschap gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad
De gegevens van de Kruispuntbank in het geval van een privépersoon - zelfstandige - of vestigingsplaats anders dan het hoofdkantoor - business unit
Een attest van de werkgever
De arbeidsovereenkomst maar ervoor te zorgen dat de gevoelige privégegevens onleesbaar zijn.
ARTIKEL 3
Deze veranderingen zullen van kracht zijn op de vijfde dag na de dag van publicatie van deze beslissing.