Bestuur & Politiek

Reglement-Retributie houdende het gemeentelijk beleid inzake parkeren in de openbare ruimte

TITLE I.- ALGEMENE BEPALINGEN

HOOFDSTUK I.- TOEPASSINGSGEBIED VAN HET GEMEENTELIJK PARKEERBELEID

Artikel 1: Dit reglement is van toepassing op elk motorvoertuig.

Artikel 2: Het reglement is van toepassing op elke openbare weg en elke openbare plaats in de zin van de wet op het verkeer en in de zin van de Wegcode.

HOOFDSTUK II.- DEFINITIES

Artikel 3: Voor de toepassing van dit reglement verstaat men onder:

1° Administratie: Brussel Mobiliteit.

2° Parkeeragentschap: het Parkeeragentschap van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, zoals gedefinieerd in Hoofdstuk VI van de ordonnantie van 22 januari 2009 houdende de organisatie van het parkeerbeleid en de oprichting van het Brussels Hoofdstedelijk Parkeeragentschap.

3° Vrijstellingskaarten: de vrijstellingskaarten bedoeld door de ordonnantie van 22 januari 2009 houdende de organisatie van het parkeerbeleid en de oprichting van het Brussels Hoofdstedelijk Parkeeragentschap, en haar uitvoeringsbesluiten, waarbij de vrijstellingskaarten "materieel" of "virtueel" kunnen zijn.

4° Parkeerschijf: de parkeerschijf zoals bedoeld in artikel 27.1.1. van het koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en bepaald in artikel 1 van het ministerieel besluit van 1 december 1975 tot vaststelling van de kenmerken van bepaalde schijven, bebakeningen en platen die voorgeschreven zijn door het algemeen reglement op de politie van het wegverkeer.

5° Bedrijven en zelfstandigen: de persoon of het bedrijf met zijn maatschappelijke of exploitatiezetel in een van de 19 Brusselse gemeenten. Met "persoon" wordt hier de beoefenaar van een vrij beroep of zelfstandige bedoeld. Met "bedrijf" wordt verwezen naar elke rechtspersoon, ongeacht zijn statuut.

6° Onderwijsinstelling: elke instelling, georganiseerd, erkend of gesubsidieerd door een gemeenschap en publieke kinderdagverblijven of kinderdagverblijven die inkomensgerelateerde tarieven hanteren, gevestigd in een van de 19 Brusselse gemeenten.

7° Gezin: het gezin wordt gevormd door hetzij een gewoonlijk alleen levend persoon, hetzij door twee of meer personen die, al dan niet verbonden door verwantschap, dezelfde hoofdverblijfplaats delen. De gezinssamenstelling wordt aangetoond door een attest samenstelling gezin.

8° Parkeerperiode: periode van 4 uur en 30 minuten die begint te lopen vanaf de aflevering van de uitnodiging tot betaling van een forfaitaire retributie. Die duur wordt behouden zelfs in het geval van een uitbreiding of beperking van de betalende periode.

9° Parkeersector en deelsector: de geografische zone die de grenzen afbakent waarbinnen de vrijstellingskaart geldig is.

10° Gedeelde voertuigen: de voertuigen van autodeeloperatoren in de zin van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 21 maart 2013 houdende de voorwaarden voor het gebruik van voorbehouden parkeerplaatsen aan operatoren van gedeelde motorvoertuigen, en de latere wijzigingen daarvan.

11° Zones : alle straten waarin een specifiek parkeerreglement van toepassing is en waarvan het begin of de toegang alsook het einde aangegeven worden door een teken waaraan de zonale geldigheid werd toegekend zoals voorzien in artikel 65.5 van de wegcode.

Herinneringen zijn niet verplicht en moeten uitzonderlijk blijven opdat hun vereenvoudiging niet zou leiden tot hetzelfde aantal signalen als het klassieke systeem waar ze aan alle kruispunten worden herhaald.

12° Blauwe zone: zone waarin, behoudens uitzonderingen, elke gebruiker van een parkeerplaats moet de beperkte parkeerperiode moet naleven door middel van een parkeerschijf in overeenstemming met artikel 27 van het koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en het gebruik van de openbare weg,  op straffe van de  parkeer retributie voorzien in artikel 6.

13° Retributie: bedrag verschuldigd voor het gebruik van een parkeerplaats langer dan de tijd die nodig is voor het in- of uitstappen van personen of voor het laden of lossen van zaken in de zin van artikel 2.23 van het koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende het algemeen reglement op de politie over het wegverkeer en het gebruik van de openbare weg. 

14° Politiezone: een van de zes zones van de lokale politie van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest dat verschillende gemeenten omvat.

15° Tweede verblijfplaats of tweede verblijf : een tweede verblijf op het grondgebied van de gemeente waarvoor de eigenaar de gemeentebelasting op tweede verblijven betaalt.

TITLE II.- GEREGLEMENTEERDE ZONES

HOOFDSTUK I.- SOORTEN ZONES

Afdeling 1.- Blauwe zone

Onderafdeling 1.- Duur

Artikel 4: De toegelaten parkeertijd is beperkt tot 2 uur van maandag tot en met zaterdag, tenzij speciale voorwaarden die op de bewegwijzering worden aangegeven.

Onderafdeling 2.- Bedrag

Artikel 5: Parkeren in een blauwe zone is gratis voor de duur van de toegelaten parkeertijd en mits gebruik van een parkeerschijf.

Artikel 6: De forfaitaire retributie in geval van afwezigheid van een geldige vrijstellingskaart voor dit zonetype en/of deze parkeersector, van de blauwe schijf en/of overschrijding van de duur toegelaten door de blauwe schijf of ook van een foutief gebruik van de blauwe schijf bedraagt 25 euro per parkeerperiode.

Artikel 6bis: In afwijking van artikel 5, lid 2 van de Ordonnantie van 22 januari 2009 houdende de organisatie van het parkeerbeleid en de oprichting van het Brussels Hoofdstedelijk Parkeeragentschap en van artikel 4, lid 2 van het Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 18 juli 2013 betreffende de gereglementeerde parkeerzones en de vrijstellingskaarten,  wordt de reglementering toegepast van 15u30 tot 19u30, van maandag tot vrijdag en van 8u30 tot 19u30 van zaterdag tot zondag , in de volgende straten:

  • Charles Schallerlaan (van nummer 1 tot nummer 89 en van nummer 2A tot nummer 52)
  • Blankedellegaarde;
  • Jean Mereauxstraat;
  • René Christiaensstraat;
  • Gustave Timmermansstraat;
  • Henri Simonsstraat;
  • Léopold Van Asbroeckstraat;
  • Jean Charlierlaan;
  • Hugo Van der Goeslaan;
  • Jean-Baptiste Vannypenlaan;
  • Henri Deraedtstraat;
  • Georges Huygensstraat;
  • Egide Charles Bouvierstraat

Afdeling 2.- Leveringszone

Onderafdeling 1.- Bedrag

Artikel 7: De forfaitaire retributie voor parkeren in dit soort zone bedraagt 100 euro per parkeerperiode.

Onderafdeling 2.- Uurregeling

Artikel 8: De reglementering van de leveringszone wordt toegepast volgens de modaliteiten aangegeven op de verkeerstekens.

Afdeling 3.- De zone “voorbehouden parkeerplaats”

Onderafdeling 1.- Bedrag

Artikel 9: De forfaitaire retributie zonder plaatsing van de voor die zone passende vrijstellingskaart bedraagt 25 euro per parkeerperiode.

Afdeling 4.- “Kiss & Ride”-zone

Onderafdeling 1.- Duur

Artikel 10: De maximaal toegelaten parkeertijd is die aangegeven op de hiervoor voorziene verkeerstekens.

Onderafdeling 2.- Bedrag

Artikel 11: De forfaitaire retributie in geval van overschrijding van de tijd vermeld op de hiervoor voorziene wegsignalisatie bedraagt 100 euro per parkeerperiode.

HOOFDSTUK II.- INNINGSPROCEDURE

Artikel 12: De forfaitaire retributie moet worden betaald binnen de vijf dagen te rekenen vanaf het verzoek tot betaling.

Artikel 13: Indien binnen die termijn het gehele bedrag niet werd betaald, wordt een kosteloze eerste herinnering verzonden.

Artikel 14: Indien een tweede herinnering nodig is, wordt de retributie vermeerderd met 15 euro.

Artikel 15: Bij blijvende wanbetaling zal de retributie worden geïnd langs burgerrechtelijke weg.

Artikel 16: De kosten, rechten en gemaakte uitgaven tijdens alle fases van inning van de verschuldigde bedragen zijn ten laste van de schuldenaar.

Artikel 17: In overeenstemming met artikel 17 van de ordonnantie van 3 april 2014 betreffende de aanvullende reglementen op het wegverkeer en de plaatsing en bekostiging van de verkeersteken is de retributie verschuldigd door de houder van de nummerplaat.

Artikel 18: Het College van Burgemeester en Schepenen is bevoegd om klachten van burgers te horen.

TITLE III.- VRIJSTELLINGSKAARTEN

HOOFDSTUK I.- VRIJSTELLINGSKAARTEN UITGEREIKT DOOR DE GEMEENTE

Afdeling 1.- Gemeenschappelijke bepalingen

Artikel 19: De hieronder vermelde vrijstellingskaarten kunnen op aanvraag worden toegekend door de gemeente. De gemeente heeft evenwel de mogelijkheid om het aantal geldige vrijstellingskaarten op haar grondgebied te beperken.

Artikel 20: De vrijstellingskaart zal pas worden toegekend na eenmalige betaling van het integrale bedrag en voor zover de aanvrager voldoet aan alle toekenningsvoorwaarden en het bewijs daarvan heeft bezorgd. In elk geval zijn de vrijstellingskaarten pas geldig vanaf de dag volgend op de dag van hun registratie.

Artikel 21: De vrijstellingskaart is slechts geldig voor de kentekenplaat en de sector(en) die werd(en) toegekend bij de registratie.

Artikel 22: Een wijziging van de kentekenplaat gedurende de geldigheidsperiode van de kaart kan slechts worden verkregen na onderzoek van de bijzondere omstandigheden die deze wijziging rechtvaardigen.  In voorkomend geval moet de begunstigde van de vrijstellingskaart de gemeente onmiddellijk op de hoogte stellen van de wijziging.

Artikel 22bis: Tijdens een burgerlijkjaar, heeft de ontvanger van een vrijstellingskaart de mogelijkheid om zijn kentekenplaat twee keer kosteloos te veranderen. Vanaf de derde verandering inbegrepen, zal elke verandering 10,00€ kosten.

Artikel 23: De aanvrager van een vrijstellingskaart draagt de eventuele kosten die verbonden zijn aan het gebruik van technologie bij de uitreiking en het gebruik van de vrijstellingskaart.

Artikel 24: De gemeente en/of het Agentschap is niet verplicht om de houders ervan op de hoogte te brengen dat de geldigheidsduur van hun kaart bijna verstreken is. Dit is hun eigen verantwoordelijkheid. In geval van vergetelheid kunnen zij zich in geen geval tegen de gemeentelijke overheid keren.

Artikel 25: Iedere aanvraag voor verlenging moet bij de gemeente worden ingediend uiterlijk 49 werkdagen voordat de vorige geldigheidsperiode verstreken is.

Artikel 26: De lijst van documenten om elk type kaart te verkrijgen, is alleen ter informatie en niet-uitputtend. De aanvrager moet zich steeds baseren op het aanvraagformulier voor de gewenste kaart.

Artikel 27: Zodra de begunstigde van een vrijstellingskaart niet meer aan de toekenningsvoorwaarden voldoet, moet hij de gemeente daarvan op de hoogte brengen door de kaart terug te geven indien het om een materiële kaart gaat zoals opgelegd door het ministerieel besluit van 9 januari 2007 betreffende de gemeentelijke parkeerkaart.

Artikel 27bis: Bij een nieuwe aanvraag of bij de verlenging van de vrijstellingskaart, zullen de toegangsvoorwaarden worden gecontroleerd. De bewonerskaart zal geweigerd of onmiddellijk ingetrokken worden in geval van bedrog of valse verklaring, zonder terugbetaling van het gestorte recht.

Artikel 28: Het bedrag voor het eerste jaar blijft integraal verschuldigd. Het bedrag van de retributie bovenop dit bedrag voor het eerste jaar wordt, in voorkomend geval, terugbetaald ten belope van de nog resterende volledige maanden waarin de vrijstellingskaart niet werd gebruikt.

Artikel 29: Zowel voor materiële als virtuele kaarten annuleert de gemeente en/of het Agentschap van rechtswege de vrijstellingskaarten waarvoor de voorwaarden van de aanvrager zodanig zijn gewijzigd dat hij niet langer voldoet aan de toekenningsvoorwaarden.

Artikel 30: In geval het plan met de deelsectoren voor parkeren of de vaste parkeersectoren wordt gewijzigd, zullen de betreffende vrijstellingskaarten worden vervangen vanaf de datum dat de nieuwe kaart van kracht wordt.

In het kader van een optimale coördinatie en een rationeel beheer, inzonderheid in het kader van het project voor sectorindeling van het gewest, kunnen de vrijstellingskaarten van andere gemeenten, in voorkomend geval worden erkend op het grondgebied van de gemeente.

Afdeling 2.- Vrijstellingskaart “buurtbewoner”

Onderafdeling 1.- Begunstigden

Artikel 31: Kunnen genieten van de "bewonerskaart":

- Personen ingeschreven in het bevolkingsregister of wachtregister van de betreffende gemeente;

- Personen die gedomicilieerd zijn in de gemeente en die over een voertuig beschikken dat is ingeschreven in het buitenland, gedurende de periode van aanvraag van een Belgische inschrijving;

- Elke persoon die in België verblijft en die over een voertuig beschikt dat is ingeschreven in het buitenland, moet dit laten inschrijven in België binnen met uitzondering van de 5 gevallen opgesomd in artikel 3 van het Koninklijk Besluit van 20 juli 2001.

- Personen die een tweede verblijfplaats hebben in de betreffende gemeente;

- Personen die gedomicilieerd zijn op het grondgebied van de betreffende gemeente van Oudergem en die een specifieke parkeerbehoefte hebben in het kader van een door de Administratie erkend autodeelsysteem voor particulieren. Het voertuig wordt gedeeld door minstens drie particulieren, waarvan er minstens twee gedomicilieerd zijn in een of meer verschillende gemeenten van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.

Artikel 32: In de in artikel 31 bedoelde gevallen kan een vrijstelling kaart “bewoner” allen worden verleend aan personen die hun woonplaats of hun tweede woonplaats in een reglementeerde “blauwe” zone hebben.

Onderafdeling 2.- Aantal kaarten per gezin              

Artikel 33: Het aantal kaarten per gezin is beperkt tot 2.

Onderafdeling 3.- Prijs en geldigheidsduur van de “bewonerskaart”

Artikel 34: De prijs en geldigheidsduur worden als volgt bepaald:

- Eerste vrijstellingskaart voor het gezin: 10 euro per jaar of 20 euro voor twee jaar;

- Tweede vrijstellingskaart voor het gezin: 50 euro per jaar of 100 euro voor twee jaar;

- Voor personen met een tweede verblijf kan slechts één kaart worden uitgereikt voor: 250 euro voor 12 maanden;

- In geval van wijziging van buitenlandse inschrijving in Belgische inschrijving: tarief afhankelijk van het aantal kaarten in het gezin. In dit geval, in de eerste tijd is de geldigheidsduur van de kaart beperkt op drie maanden. In tweede tijd zal de geldigheidsduur verlengd worden van 9 maanden in het geval dat daadwerkelijke wijziging van de buitenlandse registratie in Belgische registratie.

- Het tarief voor voertuigen gedeeld door particulieren hangt af van het aantal kaarten in het gezin en van de tarieven die de gemeente heeft bepaald voor de sector(en) waarvoor de vrijstellingskaart wordt aangevraagd.

Onderafdeling 4.- Soorten zones waarin de vrijstellingskaart geldig is

Artikel 35: De vrijstellingskaart "buurtbewoner" is geldig binnen de blauwe zones.

Onderafdeling 5.- Sectoren waarin de kaart geldig is

Artikel 36: De houders van een bewonerskaart mogen hun voertuig alleen parkeren binnen de grenzen van de sector die hen werd toegewezen.

Onderafdeling 6.- Documenten die moeten worden voorgelegd voor het verkrijgen van een vrijstellingskaart

Artikel 37: De aanvrager moet volgende documenten voorleggen:

- het inschrijvingsbewijs van het voertuig bij de DIV.

- het bewijs dat het voertuig is ingeschreven op zijn naam of dat hij er permanent over kan beschikken als hij niet de eigenaar is.

- voor een leasingvoertuig: het bewijs van leasing dat de naam van de aanvrager uitdrukkelijk moet vermelden.

- voor bedrijfsvoertuigen: een attest van het bedrijf dat aantoont dat de aanvrager de enige gebruiker is.

- voor een voertuig op naam van een derde persoon, moet de aanvrager verplicht een kopie voorleggen van de verzekeringspolis waarop is vermeld dat hij de hoofdbestuurder van het voertuig is.

- de identiteitskaart, of een volmacht met de identiteitskaart van de aanvrager in het geval deze zich niet persoonlijk aanbiedt.

Er bestaat geen specifiek volmachtmodel. De gegevens die erop vermeld moeten staan zijn de naam en voornaam van de persoon die in de plaats komt van de aanvrager van de bewonerskaart alsook de vermelding van het vereiste document (hier bewonerskaart). De kopie van de identiteitskaart van de aanvrager met goed leesbaar zijn.

Elke inwoner van de gemeente die al over een bewonerskaart beschikt voor een basisvoertuig, kan gratis een tijdelijke kaart aanvragen in het kader van een vervangwagen.

De toegestane duur zal per geval vastgelegd worden, in functie van de duur van de vervanging – aangetoond door een document van het basisvoertuig – en zal de geldigheidsduur van oorspronkelijke kaart niet mogen overschrijden.

Zolang de vrijstellingskaart niet is toegekend, zal geen enkele gebruiker zich kunnen beroepen op enig recht, hieraan verbonden.

Afdeling 3.- Vrijstellingskaart « professioneel »                                

Onderafdeling 1.- Begunstigden                

Artikel 38: Komen in aanmerking voor dit type kaart:

- Bedrijven en zelfstandigen: de gemeente verleent maximaal 2 vrijstellingskaarten “professioneel” per economische eenheid.

- Onderwijsinstellingen: de gemeente verleent maximaal 2 vrijstellingskaarten “professioneel” per eenheid van onderwijsinstellingen.

- Personeelsleden van de politiezones: de gemeente verleent maximaal 2 vrijstellingskaarten “professioneel” per politiezone.

Artikel 39: In de in artikel 38  bedoelde gevallen  , kan een vrijstellingskaart alleen worden verleend aan aanvragers die hun hoofdkantoor, vestigingsplaats, onderwijsinstelling of politiezone in een reglementeerde “blauwe” zone hebben.

Onderafdeling 2.- Prijs

Artikel 40: De prijzen voor de kaarten voor bedrijven en zelfstandigen bedragen 200 euro/jaar en voor elk kaart.

Artikel 41: De prijs van de kaart voor onderwijsinstellingen bedraagt 200 euro/jaar per sector.

 Artikel 42: De prijs voor de personeelsleden van de politiezones: 200 euro/jaar per sector.

Onderafdeling 3.- Prijzen - Bijzondere modaliteiten betreffende de politiediensten en de onderwijsinstellingen

Artikel 43: Wanneer het personeelslid werkzaam is als agent in meerdere commissariaten, is de vrijstellingskaart geldig voor de verschillende parkeersectoren waarin de commissariaten gelegen zijn. In dat geval betaalt de begunstigde de prijs van de vrijstellingskaart voor elke gevraagde sector. De prijs van de kaart kan variëren volgens de tarieven die worden gehanteerd door de gemeenten waarin de vrijstellingskaart geldig is.

Artikel 44: Wanneer het personeelslid van een onderwijsinstelling werkzaam is in meerdere scholen, is de vrijstellingskaart geldig voor de verschillende parkeersectoren waarin de scholen gelegen zijn.  In dat geval betaalt de begunstigde de prijs van de vrijstellingskaart voor elke gevraagde sector. De prijs van de kaart kan variëren volgens de tarieven die worden gehanteerd door de gemeenten waarin de vrijstellingskaart geldig is.

Onderafdeling 4.- Soorten zones waarin de vrijstellingskaart geldig is

Artikel 45: De vrijstellingskaart "professioneel" is geldig in de blauwe zones.

Onderafdeling 5.- Sectoren waarin de kaart geldig is

Artikel 46: De houders van die vrijstellingskaart mogen hun voertuig alleen parkeren binnen de grenzen van de sector(en) die hen werd(en) toegewezen.

Onderafdeling 6.- Indiening van de aanvraag

Artikel 47: Het bedrijf, de onderwijsinstelling of de politiezone stelt één verantwoordelijke aan om de vrijstellingskaarten af te halen bij de gemeente.

Artikel 48: Het bedrijf, de onderwijsinstelling of de politiezone verdeelt de kaart onder het personeel volgens zijn eigen regels.

Onderafdeling 7.- Documenten die moeten worden voorgelegd voor het verkrijgen van de vrijstellingskaart

Artikel 49: De lijst van te bezorgen documenten staat op het aanvraagformulier voor de vrijstellingskaart.

Artikel 50: In elk geval moet de aanvraag voor de vrijstellingskaart "professioneel" vergezeld zijn van een scholenvervoerplan of een bedrijfsvervoerplan, naargelang het geval, of een goedgekeurd equivalent daarvan.

Afdeling 4.- Vrijstellingskaart "Bezoeker"

Onderafdeling 1.- Begunstigde

Artikel 51: Kunnen genieten van de vrijstellingskaart "bezoeker", de bezoeker(s) van een gezin. De kaart wordt steeds uitsluitend uitgereikt aan Brusselse gezinnen, voor hun bezoekers.

Onderafdeling 2.- Prijs

Artikel 52: De prijs van de vrijstellingskaart bedraagt [Minimum 2,5] euro per voertuig per periode van 4 uur en 30 minuten.

Onderafdeling 3.- Aantal perioden per gezin per jaar

Artikel 53: Het aantal parkeerperioden (4u30) dat kan worden toegekend per jaar en per gezin bedraagt maximum 100.

Onderafdeling 4.- Soorten reglementering waarin de vrijstellingskaart geldig is

Artikel 54: De vrijstellingskaart "bezoeker" is geldig in de blauwe zones.

Onderafdeling 5.- Sectoren waarin de kaart geldig is

Artikel 55: De kaart "bezoeker" is geldig binnen de grenzen van de parkeersector die eraan werd toegewezen.

Artikel 56: Gezinnen die een vrijstellingskaart "buurtbewoner" hebben voor de gemeente van Oudergem krijgen dezelfde parkeersector toegewezen als die van hun bewonerskaart.

Onderafdeling 6.- Documenten die moeten worden voorgelegd voor het verkrijgen van de vrijstellingskaart

Artikel 57: De aanvrager moet volgende documenten voorleggen:

- het inschrijvingsbewijs van het voertuig bij de DIV;

- een kopie van de identiteitskaart van de persoon die woonachtig is op het grondgebied van de gemeente.

Deze lijst is ter informatie en niet-exhaustief.

HOOFDSTUK IV.- VRIJSTELLINGSKAARTEN DIE UITSLUITEND DOOR HET PARKEERAGENTSCHAP WORDEN UITGEREIKT

Artikel 58: De vrijstellingskaarten "zorgverlener van dringende medische hulp", "medische zorgverlener aan huis", "autodelen" en de kaart "professioneel" (geval specifiek voorzien in art. 84, §1, 2° van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 18 juli 2013 betreffende de gereglementeerde parkeerzones en de vrijstellingskaarten) worden uitgereikt door het Parkeeragentschap volgens de modaliteiten en voorwaarden zoals vastgelegd door de bevoegde administratieve overheid.

HOOFDSTUK V.- VRIJSTELLINGSKAART UITGEREIKT DOOR DE FOD SOCIALE ZEKERHEID

Artikel 59: De Europese parkeerkaart voor personen met een handicap geldt als vrijstellingskaart.

Artikel 60: Die kaart is geldig in alle door het Gewest bepaalde parkeersectoren in de rode, oranje, grijze, blauwe, groene en "evenementen"-zones.

TITLE IV.- SLOTBEPALING

Artikel 61: Het aangepaste reglement wordt van kracht op de vijfde dag na de dag van publicatie ervan.