Bestuur & Politiek

Mondelinge vraag van de heer Matthieu Pillois (LB) over de tijdelijke verplaatsing van de Vredegerecht van Oudergem naar Etterbeek

Mijnheer de voorzitter,
Geachte dames en heren schepenen,
Mijnheer de burgemeester,
Beste collega’s,
Op 21 september publiceerde het Belgisch Staatsblad de beslissing van de Minister van Justitie, de heer Koen Geens, om de zetel van de vredegerecht "tijdelijk" te verplaatsen van het kanton Oudergem naar Etterbeek.
Ter herinnering, in 2017, na een armworsteling van meer dan 8 maanden en een petitie die meer dan 1.565 handtekeningen had verzameld, heeft de federale regering haar beslissing ingetrakken en haar wetsvoorstel over de hervorming van de gerechtelijke kantons gewijzigd. De Vredegerecht in Oudergem en het bureau voor juridische bijstand zijn gered! De toenmalige waarnemend burgemeester riep niettemin op tot voortdurende waakzaamheid. Ik citeer hem: "We hebben een strijd gewonnen, maar de Vredegerecht is slechts het topje van de ijsberg. De lokale afdelingen van de financiën en de federale politie zijn al afgeschaft. Het is duidelijk dat de federale overheid een weloverwogen strategie volgt om haar lokale diensten te ontrafelen".
Het lijkt er dus op dat deze oproep tot waakzaamheid goed in de smaak viel. Ik kan het dan ook alleen maar ten zeerste betreuren dat de federale regering de huidige gezondheidssituatie aangrijpt om een lokale dienst af te schaffen die essentieel is voor het lokale leven en het oplossen van conflicten in Oudergem.
Mijn vragen zijn dan ook als volgt:
  • Bent u officieel op de hoogte van deze "tijdelijke" verplaatsing van de Vredegerecht?
  • Heeft u meer informatie over het "tijdelijke" karakter van deze verhuizing?
  • Welke maatregelen denkt u in deze zaak te nemen om de mensen eraan te herinneren dat het belangrijk is dat de bevolking van Oudergem profiteert van rechtbanken in uw buurt?
  • Dank u wel.
Matthieu Pillois
gemeenteraadslid
  • Antwoord van de heer Didier Gosuin, burgemeester
De gemeentelijke overheid is op geen enkel moment op de hoogte gebracht van deze beslissing van de federale overheid. Om volledig te zijn, ontving ik afgelopen maart een e-mail van de waarnemend griffier dat de vrederechter zojuist de naam van de eigenaar (VZW De l'Autre Côté de l'Ecole) had ontvangen en dat zij het pand voor 30 september zou verlaten. De Voorzitter van de rechtbank van eerste aanleg van Brussel had de griffier carte blanche gegeven voor het vinden van een nieuw pand, zonder welke een hergroepering bij de Vredegerecht van Etterbeek niet meer te vermijden zou zijn.
Aangezien de gemeente Oudergem geen ruimte heeft om de Vredegerecht te huisvesten, bleef de prive huurmarkt de enige oplossing.
Van maart tot het besluit in september werd ik niet op de hoogte gebracht van de voortgang van de zoektocht naar een nieuw pand.
Na de beslissing van 21 september heb ik met spoed contact opgenomen met de waarnemend hoofdgriffier voor meer details. De griffier deelde mij mee dat zij in april jongstleden een nieuw pand heeft gevonden en alle nodige stappen heeft ondernomen om het voorstel te laten valideren door het Ministerie van Justitie, dat het uiteindelijk heeft geweigerd en de "tijdelijke" verplaatsing van de Vredegerecht van Oudergem naar Etterbeek heeft bevestigd. De griffier heeft destijds ook geen contact opgenomen met de gemeentelijke autoriteiten, omdat zij hen niet wilde storen in het kader van het beheer van de gezondheidscrisis. Ik kan hier alleen maar spijt van krijgen. 
Op 6 oktober heb ik daarom de nieuwe minister van Justitie, de heer Van Quickenborne, aangeschreven om nadere uitleg te krijgen over de beslissing om de Vredegerecht te verplaatsen en hem te vragen of deze beslissing inderdaad tijdelijk was of niet. Tot nu toe heb ik geen antwoord van hem ontvangen. Ik ga het dan ook opnieuw lanceren voordat ik nieuwe acties overweeg om te voorkomen dat bijna 60.000 mensen de toegang tot de lokale rechtbnak wordt ontzegd. 
Ter herinnering: in 2017, na weken van mobilisatie en een petitie die meer dan 1.565 handtekeningen opleverde, had de federale regering haar wetsvoorstel over de hervorming van de gerechtelijke kantons gewijzigd. Dit had tot gevolg dat, behoudens een nieuwe wending, de Vredegerecht in Oudergem-Watermaal-Bosvoorde werd gered.