Bestuur & Politiek

Commissie - huishoudelijk reglement

 


Artikel 1.

De commissie wordt voorgezeten door een lid van het College of van de Gemeenteraad.

In geval de voorzitter verhinderd is, wordt de zitting uitgesteld tot een latere datum vastgesteld door het College van burgemeester en schepenen.

Artikel 2.

De commissies beraadslagen, ongeacht het aantal der aanwezige leden. Zij brengen advies uit over de voorstellen die hun door de raad of het College van burgemeester en schepenen worden voorgelegd.

De commissie kan, op eigen initiatief, een advies geven of aanbevelingen formuleren ter attentie van de gemeenteraad in de materies die haar aanbelangen.

Artikel 3.

De functie van secretaris van elke commissie wordt uitgeoefend door een gemeenteambtenaar.   

De commissies vergaderen in besloten zitting. Indien zij dit wensen, mogen zij het advies inwinnen van technici of specialisten.

Artikel 4.

De commissies worden schriftelijk door de Voorzitter van de Raad, op verzoek van de raad, het College van burgemeester en schepenen of de Voorzitter van de betrokken commissie, bijeengeroepen, ten minste zeven vrije dagen voor de vergadering. De oproepingen bevatten de dagorde.

Artikel 5.

De raadsleden mogen, zonder beraadslagende stem, de vergaderingen van de commissies bijwonen, waarvan zij geen lid zijn.

De chefs van de groepen, die vertegenwoordigd zijn in de gemeenteraad, zullen ingelicht worden over het houden van de commissievergaderingen.

Artikel 6.

Vooraleer de vergadering te beginnen, tekenen de leden van de commissie een aanwezigheidslijst.

Artikel 7.

Een advies, een resolutie of een voorstel mogen slechts voorgelegd worden ter stemming indien ze geformuleerd worden onder de vorm van een voorstel van beraadslaging en uitgelegd worden in een synthesenota die er de aard, de draagwijdte en de gevolgen van uitlegt.

De stemming gebeurt volgens de regels van toepassing op de gemeenteraad.

Er kan slechts gestemd worden indien ten minste de helft van de leden van de commissie aanwezig zijn.

Artikel 8.

Van de vergaderingen wordt een proces-verbaal opgesteld; deze vermelden de aanwezige leden en geven een overzicht van de besproken punten en indien nodig een synthese van de voorstellen en geformuleerde suggesties. Het proces-verbaal wordt  ondertekend door de voorzitter en de secretaris.

Hij wordt aangenomen en geamendeerd volgens de regels van toepassing op het proces-verbaal van de gemeenteraad.

Artikel 9.

De gemeenteraadsleden krijgen een presentiegeld voor het bijwonen van de vergaderingen van de commissies waarvan ze lid zijn.

Een presentiegeld kan niet meer dan éénmaal op dezelfde dag toegekend worden.

Het bedrag van het presentiegeld bedraagt tweeënveertig euro (42,00€.) (bedrag vastgesteld door de gemeenteraad op datum van 27 november 2008).